Persbriefing: akkoord over wetgeving conflictmineralen

Dinsdag komen de onderhandelaars van het Europees Parlement, het Slowaaks voorzitterschap van de Raad van Minister en de Europese Commissie bijeen om zich te buigen over een wet die de handel in grondstoffen uit conflictgebieden aan banden legt. GroenLinks-Europarlementarier Judith Sargentini zit daarbij aan tafel als onderhandelaar namens de Groene fractie van het Europees Parlement.

Al in 2010 drong het Europees Parlement zich op initiatief van Judith Sargentini aan op een wetsvoorstel voor verantwoordelijke handel in grondstoffen. Na lang tegenstribbelen kwam er uiteindelijk een wetsvoorstel van de Europese Commissie. In juni van dit jaar werd onder Nederlands voorzitterschap een politiek akkoord op hoofdlijnen bereikt. Na maanden van technische onderhandelingen, ligt de definitieve wet nu voor aan de politieke onderhandelaars en wordt er mogelijk een overeenkomst gesloten. Daarna komt de wet in stemming in de Raad van Ministers en in het Europees Parlement.

Wat zijn conflictmineralen?

Tin, coltan, wolfraam en goud zijn voorbeelden van grondstoffen die gebruikt worden in onze computers, mobiele telefoons en andere producten die we dagelijks in handen hebben. Deze mineralen komen voor een belangrijk deel uit landen die gebukt gaan onder geweld en oorlog. Landen zoals Congo gaan gebukt onder de grondstoffenvloek: in plaats van welvaart voor de lokale bevolking leiden deze mineralen tot extra geweld en uitbuiting. Gewapende groepen hebben de mijnen in handen en gebruiken de opbrengst om wapens aan te schaffen en hun strijd te bekostigen. Zo financieren de kopers van deze mineralen, waaronder Europese bedrijven, indirect oorlogen en houden ze erbarmelijke arbeidsomstandigheden in stand. Judith Sargentini bezocht Oost-Congo in 2013 om de mijnen met eigen ogen te zien.

Wat heeft de EU in juni 2016 afgesproken?

De Europese Commissie en de nationale regeringen wilden aanvankelijk bedrijven zelf laten kiezen of ze al dan niet verantwoord met hun import van grondstoffen zouden omgaan, door middel van een systeem van zelf-certificering. Op initiatief van GroenLinks eiste het Europees Parlement echter verplichtende maatregelen. Na maandenlange onderhandelingen kon de Raad van Ministers onder voorzitterschap van Nederland in juni instemmen met een compromis dat aan deze eis voldeed.

Om dit compromis te bereiken is het wetsvoorstel op andere punten afgezwakt. Een groot deel van de grondstoffen die in verband worden gebracht met mensenrechtenschendingen, komen de EU binnen als halffabricaat of eindproduct, zoals consumentenelectronica uit China. De meeste nationale regeringen waaronder ook Nederland waren niet bereid om bedrijven die deze halffabricaten importeren ook onder de wet te laten vallen, zoals GroenLinks had voorgesteld. Ook werd er onder druk van de nationale regeringen afgesproken om importeurs die kleine volumes aan mineralen of metalen importeren van de wetgeving uit te zonderen. Judith Sargentini kreeg wel de officiële toezegging van Eurocommissaris Cecilia Malmström dat de importeurs van halffabricaten zoals onderdelen voor mobiele telefoons, tablets of auto's in de toekomst alsnog verplicht worden om hun grondstoffen te controleren als ze in de komende jaren onvoldoende vooruitgang laten zien. Deze afspraken werden vastgelegd in een politieke overeenkomst die de afgelopen maanden in een concrete wetstekst moest worden uitgewerkt.

Hoe ziet de definitieve wetstekst eruit?

In lijn met het politiek akkoord voorziet de definitieve tekst in bindende eisen aan Europese importeurs van de mineralen en metalen tin, coltan, wolfraam en goud. Deze importeurs moeten bij hun leveranciers van buiten de Europese Unie nagaan welke stappen zij ondernemen om ervoor te zorgen dat bij het winnen en verhandelen van grondstoffen geen mensenrechten zijn geschonden. De verplichtingen voor de importeurs van mineralen zijn daarbij strenger dan die van metalen. Als de leveranciers niet meewerken of geen vooruitgang laten zien, moeten zij als uiterste middel van leverancier veranderen. Bedrijven kunnen daarbij gebruik maken van bestaande of nieuwe samenwerkingsverbanden van bedrijven die officieel door de Europese Commissie erkend kunnen worden als ze aan voorwaarden voldoen.

Het is de bedoeling dat de importeurs uit de Europese Unie gezamenlijk voldoende druk zetten op de belangrijkste schakel in de bedrijfsketen: de smelters en raffinaderijen waar ruwe grondstoffen tot bruikbare metalen worden verwerkt. De wet voorziet ook in een door de Europese Commissie erkende lijst met “verantwoordelijke” smelters en raffinaderijen. Dat zou het voor importeurs makkelijker moeten maken om leveranciers te kiezen die op een verantwoorde manier aan hun grondstoffen komen.

Zoals overeengekomen in het politieke akkoord vallen veel bedrijven buiten de reikwijdte van de wet. Alleen importeurs van ruwe mineralen en metalen vallen onder de verplichtingen, niet de importeurs van producten die deze mineralen of metalen bevatten. De Europese Commissie gaat van grote bedrijven die dergelijke producten op de markt brengen echter wel meer transparantie eisen over het gebruik van eventuele conflictmineralen. Ook is afgesproken dat deze bedrijven wel onder verplichtingen gaan vallen als ze te weinig vooruitgang maken op eigen initiatief. Importeurs die relatief kleine hoeveelheden van de betreffende mineralen en metalen importeren zijn ook uitgesloten van de wet. Er is afgesproken dat minstens 95% van het totale volume aan import van mineralen en metalen wel onder de verplichtingen komen te vallen.

Wat vindt GroenLinks van het resultaat?

Judith Sargentini noemde het bereikte akkoord en juni “een historische stap”. Voor het eerst eist de Europese Unie van bedrijven dat ze controleren of de grondstoffen die ze importeren geen gewelddadige rebellen of kinderarbeid financieren. GroenLinks wil dat dit soort wetgeving die het internationale bedrijfsleven dwingt tot het respecteren van mensenrechten, navolging krijgt in andere sectoren. Judith Sargentini is blij dat de wet na jarenlange onderhandelingen nu eindelijk afgerond wordt zodat bedrijven aan de slag kunnen om werk te maken van een verantwoorde import. Het is wat GroenLinks betreft vooral belangrijk dat de wetgeving niet langer gaat om vrijblijvende, maar om bindende voorschriften, waardoor er een flinke stap wordt gezet in de aanpak van conflictmineralen.

GroenLinks is echter ontevreden over de uitwerking van de wet op een aantal punten die door de nationale regeringen werden afgezwakt in het onderhandelingsproces. Ondanks verschillende pogingen waren de liberale en conservatieve fracties van het Europees Parlement niet bereid om hier op door te bijten:

  • Het aantal bedrijven dat onder de verplichtingen valt is te beperkt. Ook bedrijven die producten op de markt brengen die mogelijkerwijs conflictmineralen bevatten zouden hun keten moeten opschonen. Hiervoor kreeg Sargentini weliswaar steun in het Europees Parlement, maar een grote meerderheid van nationale regeringen blokkeerde dit. Ook is de uitzondering voor kleine importeurs is te groot, vooral bij zeer kostbare metalen zoals goud. Daardoor ontsnappen sommige bedrijven die een hoge waarde aan goud importeren aan de regulering.
  • De afspraken over de naleving van de wetgeving zijn niet streng genoeg. Lidstaten moeten zelf steekproefgewijs bedrijven controleren en mogen zelf bepalen welke actie zij ondernemen als bedrijven niet aan de wet voldoen. Hierdoor bestaat een gevaar dat er te weinig betrouwbare informatie terechtkomt bij de Europese Commissie om te kunnen beoordelen welke smelters en raffinaderijen verantwoord omgaan met grondstoffen.
  • Het wetsvoorstel dat nu voorligt geldt alleen voor de handel in tin, tantaal, wolfraam en goud, terwijl de internationale handel in conflictgrondstoffen zich allerminst beperkt tot die vier mineralen, denk hier bijvoorbeeld aan nikkel uit Colombia of jade uit Myanmar / Birma. Sargentini pleit ervoor om de wetgeving in de toekomst uit te breiden door alle grondstoffen uit conflictgebieden op te nemen in de wet.


GroenLinks zal de implementatie van de wet nauwgezet volgen en pleiten voor een aanscherping van de wet wanneer deze over een aantal jaren herzien wordt, zodat de Europese Unie zijn grote economische macht nog effectiever aanwendt om mensenrechtenschendingen bij de winning en handel van grondstoffen tegen te gaan.

Wat gebeurt er nu al om de handel in conflictmineralen te stoppen?

In de Verenigde Staten zijn beursgenoteerde bedrijven sinds de invoering van de Dodd Frank Act in 2010 verplicht om openheid te geven over het gebruik van mineralen afkomstig uit de Democratische Republiek Congo en omliggende landen. De rapportageverplichtingen zijn gebaseerd op de OESO-richtlijnen voor verantwoorde toeleveringsketens van mineralen uit conflictgebieden. Deze richtlijnen zijn al verwerkt in wetgevende kaders van twaalf landen in Afrika. De EU sprak al in 2011 haar steun uit voor de richtlijnen. Ruim vijf jaar na de publicatie van de handleiding blijkt helaas dat slechts twaalf procent van de Europese bedrijven die mineralen gebruiken, de richtlijnen volgt, veelal doordat zij onder het Amerikaanse systeem vallen. Daarom is bindende wetgeving nodig zodat een groter aantal bedrijven verantwoord gaat importeren. De Chinese kamer van koophandel publiceerde vorig jaar haar eigen handleiding om bedrijven te stimuleren hun keten conflictvrij te maken. Er zijn een aantal private initiatieven die bedrijven op de risico’s van conflictmineralen te wijzen.

Neem contact op met onze persvoorlichter: 
Neem voor meer info contact op met de persvoorlichter van GroenLinks Europa: Dirk van den Bosch
Telefoon:
+31 627 015 080 (NL) of +32 228 38365 (B)
E-mail: dirk.vandenbosch@europarl.europa.eu Extra persinformatie staat op de website van het Mediacentrum van GroenLinks Europa.
TwitterFacebook
http://groen.li/pb1104

Persberichten

Op deze website staan alleen de persberichten van GroenLinks Europa.

Ga naar de volledige website van GroenLinks Europa.