Persbriefing: EU-debat over schone lucht in Europa

Lucht trekt zich niets aan van grenzen. Om te zorgen dat heel Europa schone lucht ademt en je niet het slachtoffer wordt van een buurland dat het wat minder nauw neemt met luchtvervuiling maakt Europa afspraken over welke normen acceptabel zijn. Schrikbarende sterftecijfers en hoge economische kosten door luchtvervuiling laten zien dat een serieuzere aanpak hoognodig is. Ook in het belang van Nederland, dat door haar ligging en hoge bevolkingsdichtheid zwaar getroffen wordt door luchtvervuiling. Er is in Europa een stevig debat gaande over luchtkwaliteit omdat de zogenaamde NEC-richtlijn (National Emission Ceilings) en bijbehorend beleid over de bronnen van luchtvervuiling herzien wordt. In deze herziening stelt de Europese Commissie nieuwe nationale emissieplafonds vast voor de uitstoot van stoffen die de lucht verontreinigen, zoals stikstofoxiden, ammoniak, zwaveldioxide en fijnstof. De EU-lidstaten zullen aan de slag moeten om in 2030 te voldoen aan de nieuwe normen van schone lucht.

De Europese Commissie is met een voorstel gekomen dat in 2030 het aantal jaarlijkse vroegtijdige sterfgevallen met 58.000 terugdringt, de 'kosten' hiervan schatten ze in op 3,4 miljard euro per jaar. Met dit beleid verschuiven de kosten van luchtvervuiling dus van de samenleving naar de vervuilers zelf. Dat is een stap in de goede richting, maar het resultaat blijft mager, vindt GroenLinks.

GroenLinks vindt dat de voorstellen van de Europese Commissie niet ver genoeg gaan. Wij kiezen voor een aanpak die het aantal vroegtijdige sterfgevallen in 2030 halveert. Door de aanpak van luchtvervuiling te koppelen aan de strijd tegen klimaatverandering kan dat een stuk voordeliger. De EU moet op een pad gebracht worden dat uiteindelijk leidt tot een luchtkwaliteit die de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) als acceptabel wordt gezien.

Het maatschappelijke prijskaartje van luchtvervuiling

De cijfers liegen er niet om. Luchtvervuiling is een onderschatte sluipmoordenaar. Onderzoek van de Europese Commissie wijst uit dat er jaarlijks meer dan 400.000 Europeanen prematuur overlijden ten gevolge van luchtvervuiling. Daarnaast leidt de slechte lucht tot een verhoogde kans op ziektes als astma, bronchitis en hartproblemen die de kwaliteit van het leven zwaar beïnvloeden. Slechte lucht zorgde in 2010 voor ongeveer 11.000 vroegtijdige Nederlandse sterftegevallen.

Het onderzoek somt de jaarlijkse directe economische schade op van luchtverontreiniging in de EU: 15 miljard euro aan verloren werkdagen, 4 miljard aan gezondheidszorg, 3 miljard aan lagere gewassenopbrengsten en 1 miljard voor schade aan gebouwen. De gezondheidsgerelateerde indirecte kosten voor de Europese economie liggen tussen de 330 en 940 miljard euro per jaar. Het onderzoek kijkt eveneens naar de kosten van luchtvervuiling in Nederland. In 2010 bleken de externe kosten tussen de 9 en 29 miljard euro per jaar te liggen. Daarnaast leidt onze verontreinigde lucht tot een verlies in economische productiviteit ter waarde van een miljard per jaar.

Lucht houdt zich niet aan grenzen

Luchtvervuiling verplaatst zich over lange afstanden en trekt zich niks aan van nationale grenzen. Het is daarom noodzakelijk om dit probleem op Europees niveau aan te pakken. Zo is bijvoorbeeld 63 procent van de luchtvervuiling in Nederland afkomstig uit het buitenland, dit komt mede doordat ons land in de zeer vervuilde driehoek Londen-Parijs-Ruhrgebied ligt. Echter, 83 procent van de vervuiling die in Nederland geproduceerd wordt, komt buiten onze landsgrenzen terecht.

Een gebrek aan Europese coördinatie leidt tot oneerlijke concurrentie tussen lidstaten, landen die lak hebben aan luchtkwaliteit hebben immers lagere productiekosten. De maatschappelijke kosten van gezondheidszorg worden gespreid over alle inwoners en zijn zo minder direct zichtbaar.

Steden en dichtbevolkte regio's staan te springen om striktere nationale verplichtingen. Meer dan 90 procent van de bevolking in Europese steden ademt gevaarlijk vervuilde lucht in, een groot gedeelte van deze vervuilde lucht wordt echter niet in die steden zelf uitgestoten.

Luchtkwaliteit in Nederland

We zijn in Nederland, net als de rest van Europa, nog ver verwijderd van de lucht die de Wereldgezondheidsorganisatie aanraadt. Gemiddeld genomen is onze luchtkwaliteit de afgelopen jaren verbeterd. Er zijn echter nog veel problematische gebieden in Nederland, voornamelijk rondom steden en bij wegen. Dit is goed te zien op de kaarten van Atlas Leefomgeving. Deze kaarten geven de verspreiding en concentratie weer op jaar basis voor fijnstof (pm10 en pm2.5) en stikstofdioxide. De hoogste concentraties fijnstof zijn te vinden in het zuidoosten van Nederland, dit komt doordat daar de meeste intensieve veehouderij plaats vindt.

De 'officiële' luchtkwaliteit in Nederland wordt bepaald door een aantal vaste meetpunten, de concentraties voor heel Nederland worden vervolgens doorberekend. Er is momenteel een interessante ontwikkeling gaande: met Palmes-buisjes (of zelfs apps op mobiele telefoons) kunnen goedkoop metingen uitgevoerd worden. Deze metingen laten zien dat de luchtvervuiling op specifieke plekken en momenten vaak stukken hoger is dan toegestaan (zie bijvoorbeeld de actie van Milieudefensie).

Een eerlijke bijdrage van de landbouwsector

De herziende NEC-richtlijn moet onder andere nieuwe emissieplafonds voor ammoniak en methaan vaststellen. Deze stoffen zijn zeer schadelijk voor de gezondheid en blijven hangen in steden. Ze worden grotendeels (in het geval van ammoniak zelfs 95 procent) uitgestoten door de agrarische sector. De landbouwsector heeft tot nu toe amper actie te hoeven ondernemen om de luchtkwaliteit te beschermen.

De toevoeging van methaan en de doelstelling voor ammoniak stuit binnen de milieucommissie van het Europees Parlement op grote weerstand van conservatieve politici. Partijen lijken te zwichten voor de intensieve landbouwlobby. Door de landbouwsector te ontzien zullen industriële sectoren, die reeds relatief veel aan hun uitstoot hebben gedaan, verhoudingsgewijs nog meer inspanningen moeten gaan leveren. Er zijn echter kostneutrale maatregelen die genomen kunnen worden om de agrarische uitstoot van schadelijke stoffen aanzienlijk terug te dringen, bijvoorbeeld door in te zetten op biogasinstallaties.

Bronbeleid: Oorzaken van luchtvervuiling aanpakken

Om onze lucht te verbeteren is het essentieel om naast nationale doelstellingen ook in te zetten op striktere standaarden voor specifieke bronnen van luchtverontreiniging zoals de landbouwsector. Er zijn echter nog meer discussies over bronbeleid gaande in Europa:

Dieselauto's

Dieselauto's hebben een desastreus effect op de luchtkwaliteit. Schonere dieselauto's kunnen al lang geproduceerd worden en zijn zelfs verplicht. Tot op heden komt de sector echter weg met auto's die onderpresteren doordat ze niet adequaat getest worden. De lobby van de auto-industrie is tot dusver succesvol geweest in het tegenhouden van betere testmethodes. Dit krijgen ze voor elkaar door de armere lidstaten, die juist enorm veel problemen hebben met luchtkwaliteit, te bespelen. Op dit moment is de Europese Commissie bezig om de regels voor deze autotests aan te scherpen.

Non Road Mobile-Machinery (NRMM)

Letterlijk alle mobiele apparaten die niet op de weg rijden. Hier vallen bijvoorbeeld kettingzagen, grasmaaiers, tractoren, bulldozers, dieseltreinen en binnenvaartschepen onder. De motoren van dit soort machines zijn momenteel ondergereguleerd terwijl hun impact op de gezondheid groot is doordat mensen er intensief mee werken. Denk bijvoorbeeld aan een bouwplaats, de mensen die op dit soort plekken werken zijn sowieso al een kwetsbare groep doordat ze met veel stof in aanraking komen. Andere partijen zetten zich ook hier hard in om de landbouwsector zoveel mogelijk buiten schot te houden, met name door uitzonderingen voor tractoren te bedingen.

Middelgrote stookinstallaties

Aan grote industriële installaties (groter dan vijftig megawatt) stelt Europa al eisen, hetzelfde geldt voor installaties tot één megawatt, zoals huishoudelijke kachels en boilers. Tot dusver is de uitstoot van installaties die hier tussen vallen, bijvoorbeeld zeer vervuilende dieselgeneratoren, nooit aan enige Europese regulering onderhevig geweest. Nederland heeft de uitstoot van deze middelgrote installaties al aan banden gelegd en kan deze koppositie economisch benutten zodra heel Europa dezelfde regels heeft.

Rechtse partijen argumenteren vaak dat bronbeleid voldoende is om de luchtkwaliteit te verbeteren en nationale emissieplafonds dus helemaal niet nodig zijn. Dit is incorrect, zonder emissieplafonds gaat de luchtkwaliteit achteruit doordat er ongehinderd vervuilende bronnen bij kunnen komen en overheden geen niet-technologische maatregelen hoeven te nemen.

Wat wil GroenLinks?

GroenLinks Europarlementariër Bas Eickhout is schaduwrapporteur voor de Groenen op de NEC-richtlijn en op de NRMM-wetgeving.

NEC-richtlijn

Het herzieningsvoorstel voor nationale emissieplafonds houdt geen rekening met technologische ontwikkeling. Er wordt vanuit gegaan dat technologie die vandaag gebruikt wordt niet verbeterd, uitgebreid en goedkoper is over 15 jaar, dit is onrealistisch. De Europese Commissie kijkt ook niet naar zogenaamde niet-technische maatregelen, bijvoorbeeld door de uitstoot van auto's te verminderen door mensen meer te laten fietsen.

GroenLinks vindt dat de Europese Commissie zich er te makkelijke vanaf maakt door technologische vooruitgang en niet-technologische maatregelen (meer mensen die fietsen in plaats van autorijden) voor het gemak maar te vergeten. GroenLinks wil daarom lagere nationale emissieplafonds die het aantal premature doden substantieel terugdringen en de kwaliteit van het leven verbeteren. Door maatregelen om luchtkwaliteit te verbeteren te combineren met de strijd tegen klimaatverandering kunnen we twee vliegen in één klap slaan en een hoop kosten besparen. Een studie van het Europees Parlement wijst uit dat dat kan oplopen tot 2,2 miljard euro.

De agrarische sector moet een eerlijke bijdrage leveren aan het verminderen van luchtvervuiling. GroenLinks vindt bindende doelstellingen voor methaan en ammoniak daarom noodzakelijk.

Verder wil GroenLinks kwik opnemen in het voorstel. Kwik zeer giftig is voor mens en dier. Kwik legt lange afstand af in de atmosfeer en stapelt zich op in de voedselketen (bio-accumulatie). Onlangs bleek dat een kwart van de Nederlandse kinderen teveel kwik in het lichaam heeft, doordat we veel vissoorten eten die een hoge plek in de voedselketen hebben.

In het huidige voorstel staan afspraken voor 2020 en voor 2030. Maar in tien jaar kan er veel gebeuren. Er moet daarom ook doelstellingen voor 2025 komen zodat een moment komen waarop gecontroleerd wordt of lidstaten wel voldoende doen om hun afspraken na te leven. Daarbij helpen zulke doelstelling ook om politiek opportunisme, waarbij noodzakelijke maatregelen zoveel mogelijk uitgesteld worden, te voorkomen.

De auto-industrie zal flink aan de bak moeten. De industrie komt wet met auto's die niet voldoen aan de heersende regelgeving doordat ze niet adequaat getest worden. GroenLinks eist dat aan deze schrijnende situatie een eind gemaakt wordt door een strikte deadline te stellen voor de invoering van een real-world driving test.

Non Road Mobile-Machinery

Mensen die intensief met vervuilende werktuigen werken moeten beschermd worden. GroenLinks pleit daarom dat de motoren van deze werktuigen uitgerust worden met goede roetfilters. Oude machines die intensief gebuikt worden en een lange levensduur hebben, zullen uiteindelijk vervangen of aangepast moeten worden. Veel fabrikanten vragen om uitzonderingen. Willen we echter onze lucht verbeteren dan zal elke sectoren en sub-sectoren een eerlijke bijdrage moeten leveren.

Nederlands voorzitterschap

De onderhandelingen tussen Europees Parlement en de Raad van ministers over de NEC-richtlijn zullen waarschijnlijk onder het Nederlands voorzitterschap vallen. Een unieke kans dus voor de Nederlandse regering om het Commissievoorstel aan te scherpen. De Nederlandse regering zal een spilfunctie vervullen tijdens de onderhandelingen, wat de mogelijkheid biedt om minder ambitieuze landen over de streep te trekken en om ervoor te zorgen dat de nieuwe Commissie het voorstel niet afzwakt. Eind vorig jaar leken gelekte stukken er immers op te wijzen dat Timmersmans het wetsvoorstel wilde terugtrekken.

Onenigheid in Brussel

Veel lidstaten zijn het oneens met de Europese Commissie over de berekening van de emissieplafonds voor de verschillende vervuilende stoffen. Ze trekken de modellen die de Commissie gebruikt in twijfel en pleiten ervoor om eigen rekenmethoden te gebruiken. Op deze wijze proberen de lidstaten de reeds te lage plafonds verder af te zwakken. GroenLinks hecht grote waarde aan het gebruik van één rekenmethode voor de gehele EU, dit garandeert dat alle lidstaten vergelijkbare inspanningen leveren. Nationale luchtkwaliteitsnormen mogen niet bepaald worden door handjeklap.

Tegelijkertijd lobbyen regio's en steden juist om striktere nationale normen, dat is dus precies het tegenovergestelde van wat hun eigen nationale regeringen doen. Dit is te verklaren doordat steden en regio's te maken hebben met lokale luchtkwaliteitsnormen. Lokale en regionale overheden hebben echter problemen deze normen te halen doordat nationale overheden te weinig doen om achtergrondconcentraties terug te dringen.

De lobby van de landbouwsector gaat direct in tegen de belangen van de steden. Deze lobby probeert methaan en ammoniak, twee grote veroorzakers van de hoge achtergrondconcentraties in steden. De invloed van de landbouwsector werd duidelijk tijdens de NEC-stemming in de industrie commissie van het Europees Parlement. De commissie voegde kwik toe en verwijderde methaan. Kwik komt echter vrij bij industriële processen en methaan bij landbouw en veehouderij, de uitkomst van de stemming was dus hoogst onverwacht.

Tijdlijn

  • 15 juni: Ministers bespraken luchtkwaliteit tijdens Milieuraad
  • 16/17 juni: Milieucommissie van het Europees Parlement besprak amendementen in de NEC-richtlijn
  • 15/16 juli: Milieucommissie van het Europees Parlement stemt over haar positie rondom NEC-richtlijn
  • 15/16 juli: Milieucommissie van het Europees Parlement stemt over onderhandelingsmandaat Non Road Mobile-Machinery
  • September: Plenaire stemming Europees Parlement over onderhandelingsmandaat NEC-richtlijn
Neem voor meer informatie of interviewverzoeken contact op met Lowie Kok, persvoorlichter GroenLinks Europa
Telefoon: +31 634 930 173
E-mail: lowie.kok@ep.europa.eu

Kijk voor extra informatie ook op het Mediacentrum van GroenLinks Europa.

Deel dit bericht

TwitterFacebook